Naar configurator
Naar configurator
EV-laadstations onder zonnepanelen carport op bedrijvenparkeerplaats, meerdere elektrische auto's aangesloten in middagzon.

Hoe bereken je hoeveel laadpunten je nodig hebt?

Steeds meer bedrijven zetten de stap naar elektrisch rijden en merken al snel dat de vraag naar laadpunten sneller groeit dan verwacht. Een goede planning van je laadinfrastructuur voorkomt wachtrijen bij de lader, onnodige overinvestering én kostbare aanpassingen achteraf. Of je nu een klein bedrijfspand hebt met tien parkeerplaatsen of een groot logistiek terrein met honderden voertuigen: het berekenen van het juiste aantal laadpunten vraagt om een gestructureerde aanpak. Heb je vragen over jouw specifieke situatie? Neem gerust contact op en we helpen je graag verder.

Welke factoren bepalen het benodigde aantal laadpunten?

Het benodigde aantal laadpunten is geen getal dat je zomaar opzoekt in een tabel. Het hangt af van een combinatie van factoren die per organisatie sterk kunnen verschillen. Wie die factoren goed in kaart brengt, legt de basis voor een toekomstbestendige laadinfrastructuur.

De belangrijkste variabelen zijn:

  • Het aantal elektrische voertuigen (nu en in de toekomst): Hoeveel medewerkers rijden al elektrisch, en hoeveel zullen dat de komende jaren doen? In 2026 groeit het aandeel elektrische leaseauto’s in Nederland sterk, dus houd rekening met een stijgende vraag.
  • Parkeerduur en gebruikspatroon: Staan auto’s de hele dag geparkeerd, of is er veel verloop? Langparkeerders hebben minder laadpunten nodig dan locaties met korte parkeertijden.
  • Type voertuigen: Personenauto’s, bestelbussen en vrachtwagens hebben verschillende laadvermogens en laadtijden. Een bestelbus laadt anders dan een compacte elektrische auto.
  • Beschikbaar netaansluitingsvermogen: De capaciteit van je netaansluiting bepaalt hoeveel laadpunten tegelijkertijd actief kunnen zijn zonder problemen met het elektriciteitsnet.
  • Bezoekersverkeer: Hebben ook klanten, leveranciers of bezoekers toegang tot het parkeerterrein? Dan vraagt dat om extra laadcapaciteit.

Door al deze factoren samen te bekijken, ontstaat een realistisch beeld van de werkelijke behoefte. Een veelgebruikte vuistregel in de branche is dat je voor elke vijf tot tien elektrische voertuigen minimaal één laadpunt nodig hebt, maar die verhouding verschuift zodra de parkeerduur of het laadvermogen sterk afwijkt van het gemiddelde.

Zo bereken je het aantal laadpunten stap voor stap

Een gestructureerde berekening geeft meer zekerheid dan een ruwe schatting. Door een aantal concrete gegevens te verzamelen en die stap voor stap te combineren, kom je tot een onderbouwd advies voor jouw situatie.

Stap 1: Breng het huidige en toekomstige wagenpark in kaart

Begin met een inventarisatie van het huidige aantal elektrische voertuigen op het terrein. Voeg daar een prognose aan toe voor de komende drie tot vijf jaar. Vraag bij je leasemaatschappij of HR-afdeling na hoeveel medewerkers binnenkort overstappen op een elektrische auto. Dit geeft een realistische bandbreedte voor de planningshorizon.

Stap 2: Bepaal de gemiddelde parkeerduur

Hoe lang staat een voertuig gemiddeld geparkeerd? Een kantoormedewerker die van negen tot vijf werkt, heeft ruim acht uur om zijn auto op te laden. Met een normaal AC-laadpunt van 11 kW is een elektrische auto in die tijd volledig geladen. Bij kortere parkeertijden is een hoger laadvermogen of zijn meer laadpunten nodig.

Stap 3: Bereken de gelijktijdige laadvraag

Niet alle elektrische voertuigen laden tegelijkertijd. In de praktijk laadt gemiddeld 20 tot 40 procent van de aanwezige elektrische voertuigen op hetzelfde moment. Vermenigvuldig het verwachte aantal elektrische voertuigen met deze gelijktijdigheidsfactor om de piekbelasting te bepalen.

Stap 4: Toets aan de netcapaciteit

Controleer of de bestaande netaansluiting de berekende laadvraag aankan. Is de capaciteit onvoldoende, dan zijn er twee opties: de netaansluiting verzwaren, of slim laden inzetten om het verbruik te spreiden. Dit laatste is vaak de slimmere en goedkopere keuze, waarover meer in de volgende sectie.

Slimme laadinfrastructuur: slim laden en load balancing

Slim laden en load balancing maken het mogelijk om meer laadpunten te installeren zonder de netaansluiting te verzwaren. Dit is voor veel bedrijven de sleutel tot een schaalbare en kostenefficiënte laadinfrastructuur.

Bij slim laden communiceert het laadsysteem met het energienet en met de voertuigen. Het systeem verdeelt het beschikbare vermogen dynamisch over de actieve laadpunten, afhankelijk van het totale verbruik in het gebouw en de prioriteiten die je instelt. Een voertuig dat snel weg moet, krijgt automatisch voorrang boven een auto die de hele dag staat.

Load balancing gaat een stap verder: het systeem monitort voortdurend de totale stroomvraag op het terrein en past het laadvermogen per punt aan om overbelasting van de aansluiting te voorkomen. Dit maakt het mogelijk om met dezelfde netaansluiting toch een groter aantal laadpunten te bedienen. In de praktijk betekent dit dat bedrijven soms twee keer zoveel laadpunten kunnen installeren als zonder deze technologie mogelijk zou zijn.

Investeren in een slim laadmanagementsysteem betaalt zich dus al snel terug, zowel in lagere infrastructuurkosten als in flexibiliteit voor de toekomst. Zeker voor organisaties die werken aan hun CO2-prestatieladder of BREEAM-certificering is dit een relevante overweging: slimme laadinfrastructuur draagt aantoonbaar bij aan een lagere energiefootprint.

Laadpunten combineren met zonne-energie op het parkeerterrein

De combinatie van laadpunten en zonne-energie op het parkeerterrein is een logische stap voor organisaties die elektrisch laden willen verduurzamen én de energiekosten structureel willen verlagen. Door zonnepanelen direct boven de parkeerplaatsen te plaatsen, wordt het parkeerterrein zelf een energiebron.

Wij ontwerpen en installeren solar carports die zonnepanelen combineren met een functionele overkapping voor auto’s, bestelbussen en vrachtwagens. De opgewekte zonne-energie wordt direct ingezet voor het laden van elektrische voertuigen, waardoor de afhankelijkheid van het net afneemt en de laadkosten dalen. Tegelijkertijd genieten gebruikers van beschutting tegen regen en zon.

Wat de investering betreft: de kosten voor een solar carport liggen tussen de 4.500 en 7.500 euro per parkeerplaats, afhankelijk van het gekozen model en de specifieke situatie. Die investering verdient zich terug via lagere energierekeningen, verminderde netbelasting en in veel gevallen ook via subsidies of fiscale voordelen. Voor organisaties met duurzaamheidsdoelstellingen biedt de combinatie van solar en laadinfrastructuur een aantoonbare bijdrage aan hun CO2-reductiedoelen.

Veelgemaakte fouten bij het plannen van laadinfrastructuur

Zelfs goedbedoelde plannen voor laadinfrastructuur lopen soms mis door een aantal terugkerende fouten. Door die fouten te kennen, voorkom je kostbare aanpassingen achteraf.

  • Te weinig vooruitkijken: Wie alleen het huidige aantal elektrische voertuigen telt, heeft over drie jaar al een capaciteitsprobleem. Plan altijd voor minimaal vijf jaar vooruit en zorg dat de bekabeling en laadinfrastructuur uitbreidbaar zijn.
  • De netcapaciteit vergeten: Een veelgemaakte fout is laadpunten bestellen zonder eerst de beschikbare netcapaciteit te controleren. Een verzwaring van de netaansluiting kost tijd en geld, en kan de planning flink vertragen.
  • Geen rekening houden met piekbelasting: Als alle medewerkers tegelijk aankomen en hun auto aansluiten, ontstaat een piek in de stroomvraag. Zonder load balancing kan dit leiden tot storingen of hoge netkosten.
  • Laadpunten en zonne-energie apart plannen: Wie laadpunten en zonnepanelen los van elkaar aanvraagt, mist de kans op een geïntegreerd systeem dat beide optimaal benut. Een gecombineerde aanpak levert meer op, zowel technisch als financieel.
  • Te weinig aandacht voor gebruiksgemak: De locatie van laadpunten, de toegankelijkheid en het reserveringssysteem bepalen mede of medewerkers en bezoekers de infrastructuur ook daadwerkelijk gebruiken.

Een goede voorbereiding, gecombineerd met een realistisch groeimodel en de juiste technologie, maakt het verschil tussen een laadinfrastructuur die jarenlang meegaat en een die al snel tekortschiet. Wil je jouw parkeerterrein toekomstbestendig inrichten met laadpunten en zonne-energie? Neem contact op en we denken graag met je mee over de beste aanpak voor jouw situatie.

Veelgestelde vragen

Hoe weet ik of mijn huidige netaansluiting voldoende is voor meerdere laadpunten?

Vraag bij je netbeheerder de maximale aansluitwaarde op (uitgedrukt in kVA of ampère) en vergelijk die met de totale laadvraag van je geplande laadpunten. Een installateur of laadinfrastructuurspecialist kan een quickscan uitvoeren waarbij ook het bestaande verbruik van je gebouw wordt meegenomen. Als de capaciteit krap is, is een slim laadmanagementsysteem met load balancing vaak de meest kostenefficiënte oplossing vóórdat je overstapt op een zwaardere netaansluiting.

Wat is het verschil tussen een AC-laadpunt en een DC-snellader, en welke heb ik nodig?

Een AC-laadpunt (wisselstroom) levert doorgaans 3,7 tot 22 kW en is ideaal voor locaties waar voertuigen meerdere uren geparkeerd staan, zoals kantoren of bedrijfsterreinen. Een DC-snellader (gelijkstroom) levert 50 kW of meer en laadt een voertuig in 20 tot 60 minuten op, wat beter past bij korte parkeertijden of fleetdepots met strakke planningen. Voor de meeste bedrijfslocaties biedt een AC-laadpunt van 11 kW de beste balans tussen kosten, installatiegemak en laadsnelheid.

Kan ik beginnen met een klein aantal laadpunten en later uitbreiden zonder alles opnieuw te moeten aanleggen?

Ja, mits je de infrastructuur vanaf het begin schaalbaarder ontwerpt. Leg bij de eerste installatie al de bekabeling, lege mantelbuizen en de benodigde groepen in de meterkast aan voor het toekomstige maximale aantal laadpunten. Zo betaal je nu alleen voor de laadpunten die je direct nodig hebt, maar voorkom je dat je later de vloer of het terrein opnieuw moet openbreken. Dit wordt ook wel ‘ready for EV’-installatie genoemd en bespaart aanzienlijk op toekomstige uitbreidingskosten.

Zijn er subsidies of fiscale voordelen beschikbaar voor de aanschaf van laadpunten en solar carports?

Ja, er zijn verschillende regelingen beschikbaar voor Nederlandse bedrijven. Denk aan de MIA/Vamil (Milieu-investeringsaftrek en willekeurige afschrijving milieu-investeringen) voor zowel laadinfrastructuur als solar carports, en de SDE++-subsidie voor de teruglevering van zonne-energie aan het net. Sommige gemeenten en provincies bieden daarnaast aanvullende subsidies of leningen voor verduurzaming van bedrijfsterreinen. Laat je adviseren door een specialist, want de combinatie van regelingen kan de terugverdientijd aanzienlijk verkorten.

Hoe ga ik om met laadpunten die ook toegankelijk zijn voor bezoekers of klanten?

Maak bij de planning een duidelijk onderscheid tussen laadpunten voor medewerkers en laadpunten voor bezoekers of klanten. Bezoekerslaadpunten vereisen doorgaans een ander beheermodel, zoals betaald laden via een laadpas of app, en een toegankelijke locatie dicht bij de ingang. Overweeg ook een reserveringssysteem of tijdslimiet om te voorkomen dat bezoekers laadpunten langdurig bezetten die bedoeld zijn voor kort verblijf.

Wat moet ik regelen als mijn bedrijf in een gehuurd pand zit en ik laadpunten wil installeren?

In een gehuurd pand heb je toestemming nodig van de verhuurder voor structurele aanpassingen aan de elektriciteitsinstallatie. Leg afspraken over eigendom, onderhoud en eventuele verwijdering bij vertrek schriftelijk vast in een addendum op het huurcontract. Vraag ook na wie verantwoordelijk is voor de energiekosten van de laadpunten, en of de netaansluiting op naam van de verhuurder of huurder staat, want dat bepaalt wie een eventuele verzwaring moet aanvragen en financieren.

Hoe bereken ik de terugverdientijd van een investering in laadinfrastructuur gecombineerd met zonne-energie?

Bereken de totale investeringskosten (laadpunten, bekabeling, eventuele solar carport en installatie) en zet die af tegen de jaarlijkse besparingen op energiekosten, verminderde netbelastingkosten en eventuele inkomsten uit betaald laden. Vergeet ook de fiscale voordelen via MIA/Vamil niet mee te nemen in de berekening. In de praktijk ligt de terugverdientijd voor een gecombineerd systeem van laadinfrastructuur en solar carport vaak tussen de vijf en tien jaar, afhankelijk van het energieverbruik, de lokale energieprijzen en de beschikbare subsidies.

Algemene voorwaarden Privacy
eports